Ruimtelijke procedures

Wij hebben ruime ervaring in het ondersteunen en begeleiden van uiteenlopende vergunningstrajecten, die we hieronder nader toelichten.

Procedure bestemmingsplan

Voor bepaalde bouw- of verbouwplannen moet het bestemmingsplan gewijzigd worden. Voor concrete planvoornemens kan hiervoor een omgevingsvergunning aangevraagd worden. Wanneer het planvoornemen nog niet concreet is en groot van omvang of complex is, wordt aangeraden om een procedure bestemmingsplan te doorlopen. De procedure bestemmingsplan bestaat uit vooroverlegfase, ontwerpfase en vaststellingsfase. In deze procedure is zorgvuldige afstemming en participatie cruciaal, met zowel de gemeente als overige betrokken partijen. Een bestemmingsplan kent drie onderdelen: een toelichting, een verbeelding en de regels. De adviseurs van het team Ruimte en Ontwikkeling kunnen u voorzien van een bestemmingsplan.

Omgevingsvergunning uitgebreide procedure – ruimtelijke onderbouwing

Wanneer uw planvoornemen niet past binnen het bestemmingsplan, maar de gemeente wil wel meewerken aan deze buitenplanse afwijking, dan wordt een uitgebreide procedure omgevingsvergunning gestart. Deze procedure moet voorzien worden van een goede ruimtelijke onderbouwing. In een ruimtelijke onderbouwing wordt de haalbaarheid van het planvoornemen op de volgende aspecten getoetst:

De adviseurs van het team Ruimte en Ontwikkeling kunnen u voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing.

Uitwerkings-/Wijzigingsplan procedure

In specifieke gevallen wanneer er in het bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen of een gebied is aangewezen als ‘uit te werken’ moet een wijzigings- of uitwerkingsplan opgesteld worden. Deze bevoegdheid wordt vaak toegepast op toekomstig ontwikkelingslocaties waarvan de precieze uitwerking nog niet voorzien is, maar wel vast op hoofdlijnen de haalbaarheid is gemotiveerd in het moederplan. Ook bevat het moederplan richtlijnen en kaders voor de mogelijkheid om de bestemming van deze locatie te wijzigen.
Het wijzigingsplan / uitwerkingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding spreekt voor zich. In de regels wordt beschreven wat er wel en niet mag op de locatie. In de toelichting wordt de ontwikkeling gespiegeld aan de relevante beleidsnota’s, milieuaspecten zoals geluid, lucht, bedrijven en zonering en externe veiligheid. Het team Ruimte en Ontwikkeling doorloopt dit proces van begin tot eind voor u.

Omgevingsvergunning reguliere procedure – ruimtelijke motivering

In het bestemmingsplan staan in het algemeen afwijkingsregels, op basis waarvan kleine ruimtelijke afwijkingen mogelijk zijn. Hiervoor geldt de reguliere Wabo-procedure. Ook zijn er in het Besluit omgevingsrecht gevallen genoemd waarvoor de reguliere procedure geldt, de zogenaamde planologische kruimelgevallen. Voor deze omgevingsvergunning is geen volledige ruimtelijke onderbouwing nodig, maar wel een motivering van de ruimtelijke inpasbaarheid. Zo moet gemotiveerd worden dat de in het moederplan uitgevoerde omgevingsonderzoeken nog steeds van toepassing zijn. Zo niet, dan dienen deze geactualiseerd te worden. Daarnaast bevat de motivering een beschrijving van het plangebied, de huidige en toekomstige situatie, het huidig (ruimtelijk) beleid, de stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing van het plan, toetsing aan milieuaspecten en de uitvoerbaarheid.